Wie is Ketura ?
De Bijbel vertelt ons (Gen. 25,
1-2):"Abraham nam een andere vrouw, wiens naam Ketura was. Ze baarde hem Zimran,
Joksan, Medan, Midian, Ishbak en Shua". Wat een prachtig voorbeeld van verjonging!
Immers, Abraham is lange tijd
"oud, gevorderd in jaren" geweest (24:1), en nu trouwt hij met een
nieuwe vrouw en maakt zelfs zes nakomelingen bij haar, zodoende aan zijn
bestemming vervullend van "de vader van een veelheid van naties" te
zijn (17:4). En bovendien is de weg van de wereld dat wanneer de vrouw van zijn
jeugd sterft, hij zelf ook voor een groot deel sterft; zelfs als hij fysiek nog
levend is, wordt zijn vitaliteit ondermijnd. Maar Abraham niet; niet alleen
trekt hij zich in zichzelf terug, verzonken in depressieve verlangens, maar hij
gaat erop uit om een goede partij voor zijn zoon Isaac te vinden, en vermant
zich zelfs en hertrouwt.
Wie regelde Abrahams
partij?
Dit wordt nauwelijks in de tekst
aangeroerd (in tegenstelling tot de gedetailleerde beschrijving in het geval
van Isaac). Maar de agadah vertelt
ons dat het zijn zoon Isaac was, die Abraham en Ketura
samenbracht, zoals Rashi zegt in zijn commentaar op
"Isaac was net teruggekomen uit de omgeving van den put Lachai-Roi" (24:61) -"naar waar hij ging om Hagar
naar zijn vader Abraham te brengen opdat hij haar zou trouwen" [de put van
Lahai-Roi is de plek waarnaar Hagar zwierf na door
Abram verstoten te zijn, zie Gen 16:14. De Midrasj identificeert Ketura als Hagar].
Stelt u zich de
scène voor: Terwijl Abraham zijn hoofd breekt om een geschikte jonge vrouw voor
zijn zoon Isaak te vinden, is Isaak de zoon bezig met een geschikte vrouw voor
zijn vader te vinden.
Het lijkt erop dat beiden diep
werden getroffen door de dood van Sarah, echtgenote en moeder, en elkeen was op zoek naar manieren om de smart van de andere
te verlichten en hem op te beuren. Inderdaad, in het geval van Isaac, zegt de
tekst duidelijk dat hij met de komst van Rebecca in de tent getroost werd voor
de dood van zijn moeder (24:67), en het lijkt erop dat Abraham een soortgelijke
ervaring had.
Wie is Ketura?
We weten iets over de twee vorige
echtgenotes van Abraham. Sarah was zijn nicht, terwijl Hagar van Egyptische
oorsprong was. Over Ketura echter, zwijgt de tekst en
geeft geen uitleg [1], waarbij het aan de commentatoren overgelaten wordt hun
mening te geven.
Rabbi Juda zegt in de Midrasj (Bereshit Rabba 61, 4): "Zij is Hagar". Dit is ook
de mening van de Zohar (133b) en van Targum Jonathan.
Zoals we hierboven zagen, is Rashi het met hen eens. [2] Maar de commentatoren die de tekst in zijn letterlijke
betekenis (peshat) uitlegden accepteerden dit niet. Rashbam stelt in het kort: "Volgens de peshat, is dit niet Hagar"zonder enige uitleg te
verschaffen voor zijn oppositie. Het probleem kan zijn zoals door rabbijn
Nehemia geformuleerd in de Midrasj (ibid.):
"Zie, de tekst luidt va-yosef, letterlijk 'hij voegde
eraan toe'. [Gen 25:1 luidt: Abraham nam een andere vrouw, wiens
naam Ketura was. Het Hebreeuwse zegt eigenlijk:
"Hij voegde een andere vrouw eraan
toe". Als Hagar identiek was aan Ketura en
Hagar reeds zijn vrouw was, was het niet nodig over
haar te zeggen dat 'hij haar toevoegde' bij zijn vrouwen.
Ibn Ezra werpt een ander probleem
op: "Ketura is Hagar niet, want er staat
geschreven: "Maar aan Abraham’s
zonen van concubines "(25:6). Met andere woorden, de tekst spreekt niet
over één bijvrouw, maar over op zijn minst twee. We moeten dus begrijpen dat Ketura aan Hagar werd toegevoegd. Voor Rashi
vormt dit geen probleem, want in vers 6 schreef hij: " en voor de zonen
van de concubine" [pilagshim is gebrekkig
geschreven, zonder de tweede yod]- gebrekkige
spelling, want er was slechts één bijvrouw, die Hagar is die Ketura is. "[3]
Maar in de Massoretische
tekst van de Bijbel zoals wij die vandaag hebben, is het woord waarachtig pilagshim geschreven, met plene
spelling die het meervoud aangeeft. [ 4]
Als Ketura
niet Hagar is, zoals veel van de commentatoren volhouden, willen we een
mogelijke identificatie aanbieden. G-d's laatste
belofte aan Abraham bij Zijn eerste openbaring was: "En al de families van
de aarde zullen zich(zelf) door u zegenen" (12:3), en blijkbaar was dit de
meest belangrijke belofte.
Wat is de betekenis?
Betekent venivrekhu
echt 'zegenen', zoals door sommige commentatoren (Rashi,
Ibn Ezra, Radák) begrepen wordt? Volgens Rashbam (over het parallelle vers, 28:14) is de betekenis
die in gedachten komt die van een tak 'te enten',en de bijbetekenis is 'te
zegenen door combineren',met andere woorden de
families van de aarde zullen zich met uw familie vermengen [5].
Als we deze tweede betekenis
accepteren, vinden we dat dit net het tegenovergestelde is van het gebod van G-d aan Abraham om " uit je eigen land en uit het huis
van je vader te gaan" (12:1).
Dat gebod wees Abraham in de
richting van scheiding en terugtrekking van andere mensen, terwijl deze zegen
naar vernieuwde verbinding verwijst. Vandaar dat de hele ervaring van de
afscheiding van zijn samenleving en zijn vaders huis had maar één doel -het
voor Abraham mogelijk maken zijn persoonlijkheid vast te maken en te vormen
[6].
Als Abraham inderdaad voorbestemd
was om weer contacten met alle volkeren van de wereld te onderhouden, kunnen we
nu de mogelijkheid overwegen dat Abraham's drie
vrouwen - Sarah, Hagar en Ketura - zijn verbinding met de drie families van de
aarde vertegenwoordigen, want het was door de drie zonen van Noach -Sem, Cham en Jafeth
-dat de mensheid na de zondvloed opnieuw werd opgebouwd.
En we vonden inderdaad de
volgende woorden in de midrasj bloemlezing Yalkut Shimoni voor Job (903): "Abraham trouwde drie vrouwen: Sarah,
de dochter van Sem, Ketura, de dochter van Jafeth, Hagar, de dochter van Ham." En in feite
trouwde hij ze in de volgorde waarin de "vaders" in de Bijbel
voorkomen (6:9) - eerst de dochter van Sem, dan is de dochter van Ham en tenslotte de dochter van Jafeth.
Door met
deze drie vrouwen te trouwen, werd de zegen vervuld die G-d
op Abraham legde, dat "alle families van de aarde zichzelf door u zullen
zegenen", en insgelijks toen hij nakomelingen bij deze
drie vrouwen verwekte, ging ook de zegen in vervulling dat hij "de vader
van een menigte van volkeren" zou worden.
[1] Radak zegt dat dit is om ons
te leren dat "met deze hij niet onderzocht heeft uit welk volk en welke
familie zij kwam". Maar hij voegt eraan toe: "Maar hij zocht zeker
naar een geschikte vrouw, die hem niet boos zou maken op zijn oude leeftijd. En
ook lette hij erop dat ze geen Kanaänitische
was".
[2] Als Ketura en Hagar inderdaad één en dezelfde zijn, dan is Yitzhak’s daad bijzonder nobel, want Hagar was weggestuurd
onder druk van zijn moeder Sarah, uit bezorgdheid voor hem en zijn onderwijs
(zie in dit verband ook de opmerking van rabbijn SR Hirsch).
[3] We hebben reeds
een geschil van dit soort in de Midrasj gevonden. Zie Bereshit
Rabba (61, 4).
[4] Rabbi Akiva
Eiger geeft dit geval in zijn Gilyon
Hashas, in de lange lijst die hij opgenomen heeft
over de verschillen tussen de Bijbel zoals die in de Talmoed geciteerd en onze
Bijbels (traktaat Sjabbat 55b).
[5] Ibn Ezra
(in zijn Shitta Aheret to
Genesis), heeft bedenkingen bij deze interpretatie: "Een groot geleerde
schreef in zijn boek dat "zij door u zichzelf zullen zegenen"
betekent andere naties 'te enten' op uw stam. Ik weet niet waar hij dit
vandaan heeft".
[6] En het is
zo dat de verklaring aan Abraham in de Zohar (77b in de Hebreeuwse vertaling):
"Ga heen - voor uzelf, voor uw zelf-verbetering,
om uw niveau te verbeteren.
Lezingen over de wekelijkse Tora
lezing door de faculteit van Bar-Ilan Universiteit in
Ramat Gan, Israël.
Een project van de Faculteit voor
Joodse Studies, Paul en Helene Shulman Basic Joodse Studies Center, en het Bureau van de Campus
rabbijn. Op het internet geplaatst onder het peterschap van Bar-Ilan
University's
Voor Internet Publicatie
voorbereid door het Computer Center Personeel aan de Bar-Ilan
Universiteit.
Vragen en opmerkingen naar: Dr Isaac Gottlieb, Bijbel
Departement, gottlii@mail.biu.ac.il
Vertaling: M Achten